(Translation: Dutch version of Italiano version)
Angst maakt deel uit van de Fenomeni esistenziali per Heidegger. Dit zijn instrumenten die, zoals in het Esempio di Praxis per Aristotele, het Dasein in staat stellen zichzelf aan zichzelf te openbaren.
De angst is niet, zoals bij vrees, dit of dat zijnde dat men in de wereld tegenkomt, maar het is de wereld zelf als zodanig. Wanneer het Dasein angstig is, ervaart het de zinloosheid van alles wat normaal gesproken betekenis voor hem heeft.
Angst zorgt ervoor dat de mens zijn eigen vrijheid ontdekt.
Het gaat echter niet om een onbegrensde vrijheid. De menselijke vrijheid is – zo stelt Heidegger – een «eindige vrijheid», dat wil zeggen, zij is niet oneindig zoals de scheppende vrijheid die de filosofisch-theologische traditie toeschrijft aan de goddelijke almacht.
Het Dasein is gedwongen om zijn eigen vrijheid telkens weer te concretiseren in een bepaalde keuze die onvermijdelijk andere mogelijke keuzes uitsluit. Dit brengt me automatisch terug bij het concept van vrijheid in beperking van Burkeman.
En hier komen we bij het concept van Thrownness. De mens is “geworpen” in een wereld die hij niet zelf heeft gekozen en die ons onbekend is.